Hoe de beroemde relativiteitstheorie van Albert Einstein leidde tot de atoombom, tekst uit het hoe en waarom boek Beroemde Geleerden

De meeste geleerden over wie je in het Hoe en waarom-boek ‘Beroemde Geleerden’ kunt lezen, werkten met microscopen, telescopen of andere wetenschappelijke instrumenten. Zij deden proeven om de problemen op te lossen waaraan zij werken, of om oplossingen te vinden waarnaar zij zochten.

Albert Einstein (1879-1955)  was een heel ander soort geleerde. Hij was een theoretische fysicus die zijn ontdekkingen uit zijn hoofd uitdacht, zonder gebruik te maken van een laboratorium om met proeven zijn theorie te bewijzen. Hij was altijd werkzaam met zijn denkgeest en veel van zijn theorieën vatte hij samen in wiskundige formules.

Enkele theorieën van Einstein waren zo ver voor zijn tijd uit, dat zij pas jaren later beproefd konden worden toen er betere en nauwkeuriger wetenschappelijke instrumenten uitgevonden waren. Zo wees bijvoorbeeld één van zijn theorieën op de aanwezigheid van een bepaalde ster die niemand ooit had gezien.

Een andere theorie voorspelde dat een atoom, dat als het kleinste deeltje van het heelal beschouwd werd, in wekelijkheid samengesteld was uit nog kleinere deeltjes. Tenslotte werd bewezen dat beide theorieën juist waren!

Albert Einstein gaf de wereld veel nieuwe wiskundige formules waarmee veel natuurwetten verklaard konden worden. Niemand in de geschiedenis heeft zoveel gedaan als Einstein om ons mysterieuze dingen als licht, energie, beweging, aantrekkingskracht, ruimte en tijd te leren begrijpen.

Hij werd geboren in het stadje Ulm in Duitsland en groeide op in de voorsteden van München, waar zijn vader een kleine fabriek voor de productie van elektrische apparaten bezat. Als jongen vertoonde hij geen tekenen dat hij eens een wetenschappelijk genie genoemd zou worden. Hij leerde heel laat spreken. Hij was zo slecht op school dat zijn onderwijzers hem “dom en achterlijk” noemden. Deze keer vergisten de onderwijzers zich.

In werkelijkheid was Albert Einstein buitengewoon intelligent. Op twaalfjarige leeftijd had hij zichzelf meetkunde en differentiaalrekening geleerd, twee moeilijke onderwerpen die pas op de middelbare school of aan de universiteit geleerd worden!

Toen hij 16 jaar was, moest hij van zijn vader in de elektriciteitszaak van de familie komen werken. Maar Albert wilde zijn studies voortzetten, vooral de wiskunde en de natuurkunde. Hij wilde leraar natuurkunde worden. Hij ging naar de polytechnische hogeschool te Zürich in Zwitserland. Daar maakte hij goede vorderingen en behaalde hij de doctorstitel. Hij ontmoette er ook een studente, Mileva Marec, die later zijn vrouw werd.

Nadat de jonge Einstein afgestudeerd was, kon hij geen betrekking als leraar vinden. Hij gaf wat bijlessen, maar die brachten niet veel op. Maandenlang had hij nauwelijks genoeg om te eten. Tenslotte werd hij aangesteld bij het Zwitserse octrooibureau. Dit was ook een slecht betaalde baan, maar toch was het wel een goede baan voor Albert Einstein. Het werk was gemakkelijk en liet hem veel tijd voor denken en studeren.

De volgende drie jaar besteedde hij iedere vrije minuut aan het uitwerken van formules, die de wereld een nieuwe wiskundige verklaring van ruimte en tijd zouden geven.  Wanneer hij niet octrooien aan het bestuderen was op het bureau, zat hij gebogen over zijn werktafel en vulde hij het ene notitieboek na het andere met cijfers en vergelijkingen.

In 1905, toen hij nog pas 26 jaar oud was, publiceerde hij de theorie die hem beroemd maakte. Deze werd de “relativiteitstheorie” genoemd. Sommige geleerden noemden dit het “belangrijkste document van de geschiedenis”.

Einsteins relativiteitstheorie werd niet door de geleerden van zijn tijd met enthousiasme begroet. Hiermee werden veel fouten in hun eigen werk aangetoond en werden zij genoodzaakt veel berekeningen te herzien. Maar omstreeks 1912 was de vijandige stemming verdwenen en de wetenschappelijke wereld begon hem te erkennen als een groot man.

Zijn theorie was erg ingewikkeld, maar ze loste veel problemen op waar de wis- en natuurkundigen zich jarenlang mee hadden beziggehouden. En zij deed dienst als springplank voor interessante nieuwe onderzoekingen en ontdekkingen.

De onbekende klerk werd spoedig een wereldberoemd man. Hij kreeg uitnodigingen om onderricht te geven aan de leidinggevende Europese universiteiten. Een professor zei: “Er is een nieuwe Copernicus geboren.” Vele goede posities werden hem aangeboden. In 1914 werd hij hoogleraar in de fysica aan de universiteit van Berlijn, waar hij 19 jaar bleef. In 1921 won hij de Nobelprijs voor fysica.

In 1933 veranderde zijn leven heel plotseling. Adolf Hitler was als dictator aan de macht gekomen in Duitsland. Hitler en zijn volgelingen vervolgde de joden en wierpen er miljoenen in de gevangenis. Hiler verklaarde dat hij eens de hele wereld zou veroveren. Hij begon met de Tweede Wereldoorlog.

Albert Einstein sprak zich uit tegen Hitler en de Nazi-wreedheden. Hitler nam wraak door zijn huis te verwoesten en al zijn bezittingen in beslag te nemen en een grote beloning te bieden voor zijn arrestatie. Albert Einstein, de grootste geleerde ter wereld, die geëerd en bewonderd werd door miljoenen, was een vluchteling zonder tehuis.

Maar toen kreeg hij een uitnodiging uit Amerika. Het Instituut voor voortgezette studie in Princeton in New Jersey, stelde er prijs op hem als lid te hebben. Zodoende kwam hij in 1933 naar Princeton. De volgende 22 jaar leefde en werkte hij daar. Hij werd een bekende figuur op het collegeterrein – een kleine man met een grote bos wit haar, die, weer of geen weer, iedere dag van zijn huis naar zijn bureau liep.

Hij hield veel van kinderen en dikwijls hielp hij hen bij hun huiswerk van wiskunde. De beroemde professor leidde een rustig leven. Hij hield ervan ‘s avonds met zijn vriernden te praten of viool te spelen. Hij hield veel van Amerika, waar hij vrede en vrijheid gevonden had, en in 1940 werd hij Amerikaans burger.

In 1945 eindigde de Tweede Wereldoorlog door de ontploffing van de atoombom, die gebaseerd was op enkele conclusies van Einstein uit 1905: materie (massa) kan veranderd worden in energie en energie kan omgezet worden in materie. Dit was tegenstrijdig aan alle voorgaande wetenschappelijke theorieën die verkondigden dat “materie” noch geschapen noch vernietigd kon worden.

Einstein zelf had in 1939 in een brief aan president Franklin D. Roosevelt diens aandacht gevestigd op de proeven van Fermi en Szilard, die op zijn formules gebaseerd waren. Het was niet zijn bedoeling geweest dat zijn werk zou leiden tot vernietiging en dood. Hij betreurde het zeer dat de wetenschap atoomenergie gebruikt had als wapen, in plaats van deze op een positieve manier in te zetten voor de mensheid.

Hij drong erop aan dat alle naties zich zouden verenigen tot een vreedzame wereldregering om verdere atoomoorlogen en verschrikkelijk lijden te voorkomen.

Einstein bleef doorgaan met antwoorden te zoeken voor de mysteries van het heelal. Onder zijn latere theorieën waren waardevolle wiskundige verklaringen over de wetten van de zwaartekracht en het elektromagnetisme. Hij stierf in 1955 op de leeftijd van 76 jaar.

Hij zal lang in de herinnering blijven als een vriendelijke, bescheiden man, wiens wetenschappelijke genie een hele wereld van kennis opende. Zijn naam zal in de geschiedenis vermeld worden als een van de grootste denkers die ooit heeft geleefd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *